Piet van Esch vertelt over hoe Paaspop is ontstaan

Piet van Esch vertelt over hoe Paaspop is ontstaan

Een exclusief interview met één van de grondleggers van Paaspop

Piet is één van de grondleggers van Paaspop Festival. Eind jaren 80 stopte hij met zijn functie, en werd het bestuur overgenomen door een aantal nieuwe mensen waaronder de huidige CEO’s van Paaspop: Chris, Peter en Joop.

“De elektriciteit in de gehele omgeving vloog eruit: voorbij concert.” 

Het begon allemaal in 1976/1977: Kees van Buenen van de KEG (jongerenvereniging Kulturele Evenementen Groep) vroeg mij om een klein festival in Gemeenschapshuis Den Herd op te zetten. Ik schakelde daarvoor de hulp in van mijn maatje Peter Roozendaal. Helaas haakte de KEG zelf al snel af, maar konden we op hulp rekenen van de Theesoos die was opgericht door Jan Hopman (toenmalig jeugd- en jongerenwerker). We zetten een festival op poten dat in dat jaar direct 600 bezoekers mocht ontvangen, en in het tweede jaar zelfs 1.000 bezoekers. Meer mensen konden we ook niet aan hoor qua capaciteit.

In diezelfde tijd werd er in de Manage de Molenheide een concert van de groep Finch georganiseerd. Dat ging finaal mis. Er waren meer dan voldoende bezoekers aanwezig, maar technisch gezien was het concert niet goed voorbereid. Op haar hoogtepunt vloog de elektriciteit in de gehele omgeving eruit: voorbij optreden.

Een exclusief interview met één van de grondleggers van Paaspop

“Het idee van Paaspop werd opgetekend op de achterkant van een sigarendoosje”

Het gevolg van dit mislukte optreden was dat Peter en ik samen met een groepje (onder meer Wim en Rien van den Oetelaar) om de tafel gingen zitten om hierover te praten. Daar ontstond het idee om met Pasen een festival in de Manege te organiseren. Fun fact: het idee en enkele randvoorwaarden werden opgetekend op de achterkant van een sigarendoosje van Wim van den Oetelaar.

“We hadden 0 ervaring dus hoe bouwden we een manege om tot een concertzaal?!”

In die tijd was het wel anders dan nu. We hadden bijvoorbeeld in de omgeving maar een paar installatiebedrijven die kabels mochten trekken. Dat was nodig voor licht en geluid. In het eerste jaar stond de groep Massada op het podium, en die stond bekend om hun lichtshow. We moesten dus met een oplossing komen. Ik weet nog dat ik Van Santvoort uit Berlicum benaderde met het verzoek voor kabels aanleggen, en dat hij zei: “Is dat voor een popfestival?! Man, twee keer 63 ampère: daar kun je heel Schijndel op laten draaien. Ik weet niet of hier voldoende mankracht voor heb..” Ik gaf hem vervolgens mijn visitekaartje -van de Algemene Bank Nederland waar ik toentertijd werkte- en vroeg hem er nog eens over na te denken. Ik weet niet wat het was, maar een paar dagen later belde hij mij: “Natuurlijk gaan we dat maken.”

Lees hieronder verder.

<strong>&ldquo;Het idee van Paaspop werd opgetekend op de achterkant van een sigarendoosje&rdquo;</strong>

“De eerste keer Paaspop: 2 headliners, 1 toiletwagen, en de broodjes frikandel smeerden we zelf.” 

Ik weet nog goed dat de Muziekkrant toentertijd schreef ‘Muziek in de paardenmest? Wat moet dat worden?’. Echter, toen wij om 6 uur ’s morgens de eerste vrachtwagens met geluidinstallatie het terrein op zagen rijden hadden we echt een gevoel van ‘we hebben het geflikt’. Het was uitverkocht en om klokslag 14.00 uur startte de eerste band: het feest was begonnen!

Paaspop Festival 1979 werd bezocht door 2.500 muziekliefhebbers. En we hadden maar gerekend op 1.000 bezoekers. Er stond 1 toiletwagen en we kochten en smeerden de broodjes frikandellen zelf. Kun je je dat nu nog voorstellen?! Daarnaast hadden we twee echte headliners en dat waren Massada en Gruppo Spotivo.

Vroeger was Paaspop een cultfestival: je had liever niet dat je moeder ook ergens stond te dansen.”

De eerste jaren gingen niet zonder slag of stoot: het was een aaneenschakeling van leermomenten. Niet alleen voor ons, maar voor de gehele festivalindustrie die was ontstaan. We hadden de eerste jaren één podium, daarna breidden we uit naar twee podia. Er was namelijk een nieuwe manege gebouwd, die je met behulp van een verbindingsgang kon bereiken vanuit de ‘oude’ manage. We konden zo opschalen naar ruim 5.000 bezoekers, en het aantal bands dat kwam spelen verdubbelen naar 12 bands per Paaspop Festival. Het volk bleef maar komen. Het ene jaar meer dan het andere jaar, maar we hadden ondertussen een goede nieuwe naam opgebouwd bij zowel publiek als bij bands.

Niet alleen de capaciteit van het festival is een groot verschil met toen en nu: in de jaren 70/80 was Paaspop een cultfestival waarbij je liever niet had dat je moeder en vader er ook heengingen. Nu zie ik dat vaders en moeders kaartjes kopen voor hunzelf en de kinderen. Wat altijd is behouden is de gemoedelijkheid van het festival en haar goede naam. Zowel backstage als frontstage zijn er mensen die al tientallen jaren komen.

Lees hieronder verder.

&ldquo;<strong>Vroeger was Paaspop een cultfestival: je had liever niet dat je moeder ook ergens stond te dansen.&rdquo;</strong>

“Een wereldster drinkt een pilsje met Dorus met een platter dan plat Brabants accent met hier en daar een woordje dat op engels leek: wat een tijden waren dat.”

Ik zal de eerste- en tweede editie van Paaspop nooit meer vergeten. Net als de allereerste keer dat de Golden Earring bij ons optrad. Dat was voor ons een mijlpijl: dat deze rockband bij ons in de Manege wilde spelen. En het optreden van Snowy White: dat we zo’n wereldact konden binnenhalen: fantastisch. Het mooiste moment was dat Snowy White na show gewoon een pilsje met Dorus van de Oetelaar op een hekje ging drinken. Snowy White communicerend in perfect Engels, en Dorus met een platter dan plat Brabants accent met hier en daar een woordje dat op engels leek.

“Herman Brood deed zijn naam eer aan, maar ook hij had grenzen.”

Rocker Herman Brood zal ik ook nooit meer vergeten. De beste man stond diverse keren op het Paaspop podium. Ik zie hem nog in ’t Kiske (= functioneerde vroeger als kleedkamer, is nu dé place to be voor een artiest na show om een biertje te doen) zitten: “Hey barman, doe mij een longdrinkglas met jonge jenever en dan zoveel *toont twee horizontale vingers* aan 7-up erin”. Even later lustte hij er nog eentje maar dan met nog iets minder 7-up. Ach, ook hij had grenzen: later vonden we het glas nog vol in een hoekje op de bar.

“Een slecht jaar, is nog geen slecht leven.”

Ik zou The Cure nog weleens op het Paaspop podium willen zien spelen. Acts zoals Lee Towers en dergelijken: ik zet er mijn vraagtekens bij. Maar als het publiek het fantastisch vindt, dan is het prima. Paaspop draait uiteindelijk om het publiek. Het is mede daarom heel vervelend dat het dit jaar niet door kan gaan, ook voor de organisatie. Echter, de oorzaak is duidelijk en daar moeten we ook niet over zeuren. Een slecht jaar is nog geen slecht leven.

<strong>&ldquo;Herman Brood deed zijn naam eer aan, maar ook hij had grenzen.&rdquo;</strong>

KEER TERUG NAAR PAASPOP.NL

KEER TERUG NAAR PAASPOP.NL